Restauratie van de
Boeier 'Ludana'
Eén van de maximaal tien grote eikenhouten boeiers
die Nederland nog rijk is, heeft een geheel
gerestaureerd achterschip gekregen. Tot halverwege
vorig jaar zat de kont van de boeier Ludana nog
ingepakt in polyester, al moest je een goed oog
hebben om dat te kunnen zien. Peter Schouten van de
gelijknamige scheepstimmerwerf in Kortenhoef mocht
de restauratie uitvoeren, samen met Erik Diekerhof.
“In 2022 kreeg ik een telefoontje van de Stichting
Behoud Boeier, die eigenaar is van deze imposante
houten rondbodem”, zegt Peter Schouten. “De vraag
was of ik de kont van de boeier zou willen
restaureren. Andere scheepsbouwers kregen die vraag
ook, maar een aantal zei meteen al nee. Zij waren te
druk of vonden de klus te groot. Mij leek het wel
wat en kort daarna ontving ik een brief met wat het
vervangen van het achterschip zou gaan inhouden.
De kielbalk moest worden vernieuwd, de
achterstevenbalk, het knoopstuk, 28 nieuwe
kromgebrande gangen, 10 nieuwe leggers en een aantal
nieuw spanten. Of ik een offerte kon maken voor dit
project.”
Suzan Out van de Stichting Behoud Boeier zegt: “De
Ludana is varend erfgoed en we wilden dat het gehele
schip weer in origi-nele staat zou verkeren. In de
afgelopen decennia zijn steeds grote
deelrestauraties uitgevoerd, want het schip in één
keer restaureren is te kostbaar. Dankzij bijdragen
van fondsen en donateurs was nu deze restauratie
mogelijk. De Ludana staat, net als bijna alle andere
Ronde en Platbodem jachten, ingeschreven bij
Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten (SSRP)
en ook om aan alle criteria te voldoen van het
Stamboek moest de kont worden vervangen.”
De deur van de loods was te smal voor de boeier en
de loods zelf te kort, Dus werden er creatieve
oplossingen bedacht.
"Een bijzonderheid zat in de kielbalk van de Ludana. Die liep vanuit het midden naar achteren scheef naar beneden weg met daarin 800 kilogram ballast. Het leek alsof het schip uitgezakt was, maar dat was gezichtsbedrog. We hebben die ‘scheve kielbalk’ vervangen door een rechte en de ballast weggelaten. Het schip lag voorheen vrij ver achterover, maar ligt nu mooier in het water en zeilt daardoor ook beter.”
Toen Peter tegen de originele houten gangen aankeek, was direct duidelijk waarom ze aan vervanging toe waren. “Zoals ik al had voorspeld, was het meer werk dan verwacht. Er zitten veel meer nieuwe leggers en spanten in dan vooraf ingeschat en we moesten ook meer gangen vervangen dan verwacht. Eigenlijk is het schip onder het berghout van de achterstevenbalk tot hal¬verwege naar voren geheel nieuw. Onder de mastkoker vond ik nog een slechte plek, dus ook één van de mastkokerwangen heb ik vervangen."
De romp was weer helemaal dicht en alle nieuwe leggers en spanten zaten erin met uiteraard op de leggers en de spanten in teer gedoopt krantenpapier voor het behoud. Nu was het tijd om de binnenbetimmering terug te plaatsen. Het interieur was blank gelakt, maar Peter adviseerde dat je delen beter kon verven. Dat zou mooier en sfeervoller zijn. Suzan Out heeft die klus op zich genomen en het resultaat mag er zijn.
Peter vertelt aan het eind van de restauratie: "Alle
houten schepen die ik heb gebouwd of gerestaureerd
zijn waterdicht. Ik bouw steeds weer de beste boot
die ik kan bouwen en wanneer een eigenaar er goed op
past, dan gaat zo’n boot een leven lang mee.
Ooit pasten eigenaren automatisch goed op hun schip,
omdat het hun bestaan was. Ze gebruikten het voor
vervoer van vracht en woonden er vaak ook op.
Onderhoud gebeurde dagelijks, maar nu hebben mensen
steeds minder binding met het product en dat baart
me wel zorgen. Nu gaat alles om comfort en gemak en
kijken mensen niet meer naar hun spullen om.
Aandacht eraan besteden en moeite doen om iets goed
te houden, dat verdwijnt. Het ambacht verdwijnt
daardoor ook langzaam, terwijl er nog honderden
houten schepen rondvaren in Nederland."